Expeditie Robinson 2.0

Ik sloot m’n blog af met ‘dit worden vast geen wilde blogs’… Nou alleen de boottocht was al een heel avontuur! We werden ‘s ochtends opgehaald bij het hotel en naar de pier gereden in Kuraburi. Vanuit daar stapte we in de boot, we zaten bij een soort georganiseerde met allemaal bejaarden en chinezen. We hadden een open ticket geboekt dus hadden eigenlijk verwacht in 1x door te gaan naar de Surin eilanden. Dat liep even anders..

We waren geïnstalleerd in de boot. Voorin op de punt, want daar had je mooi uitzicht en was het lekker open. Al snel kwamen we er achter dat dit niet zo’n goed idee was. De Surin eilanden liggen in de open zee en de golven werden steeds hoger. De boot stuiterde als een gek over de golven. ‘Only this is big wave’ zei de Thaise man op z’n beste engels. We geloofde de beste man en bleven zitten. Na een tussenstop op een ander eiland om mensen op te halen kregen we een zwemvest aan. ‘Safety’ zei hij. En dat hebben we geweten ook.
We gingen de open zee op, enorme klappen maakte de boot. Yannick hield met beide handen vast en heb ik nog nooit zo horen vloeken en tieren. Ik moest er gelukkig heel hard om lachen maar hoe harder ik lachte, hoe meer Yannick zat te tieren. Het was niet normaal ook.. We maakte zulke grote klappen op de golven dat er alleen in m’n hoofd omging ; shit, ik haat zwemmen en straks slaan we over boord en drijven we op deze grote zee tussen de haaien, die zijn er, die heeftie namelijk net laten zien op z’n vissen kaart. 

Ik klampte me vast aan de reling en vloog alle kanten op. Het eiland was nog niet eens in zicht en ik vroeg me af hoe lang dit nog ging duren. De reistabletjes zaten ook nog in de tas waar ik nu dus echt niet bij kon. Wat we wel wisten is dat dit echt lang ging duren. De eilanden lagen ver in de zee en ik snapte nu ook wel waarom dit geen toeristische trekpleister was.

‘Hallo! Beter gaat die gast gewoon even normaal doen ofzo’ hoorde ik achter me terwijl Yannick kwaad aan de reling aan het knijpen was met een zuur hoofd. Opzich leek me dat best een goed idee maar dat zat er niet in. We maakte nog wat rake klappen en er kwam heel veel gegil uit de boot. Toen er iemand heel de boot had onder gebrokkeld gingen we eindelijk wat langzamer.. Wat een rit! Langzaam kwam het eiland in zicht en stopte we bij een oude stam die op het eiland leefde in hutten. De Surin eilanden waren tijdens de Tsunami flink getroffen vertelde de man van de boot. Ah, fijn deze informatie wilde ik echt nog even na deze wilde bootrit. Het leek wel of die Tsunami weer onderweg was naar het eiland en wij er midden in zaten. We moesten uitstappen, niet via een steiger maar gewoon met heel je zooi het water in. 

Eenmaal aangekomen op het eiland kochten we een leuk zelfgemaakt houten schildpadje en een zelfgemaakt armbandje bij de kindjes die met een ‘kraam’ op het strand zaten. Het was er prachtig maar wel heel gek dat er dus mensen zo primitief nog leven. Na deze stop gingen we door naar het eiland waar wij verbleven. We stapten in de longtail boot die eerder al weg was gevaren met de helft van de mensen op de boot en onze bagage. Het was niet helemaal goed gecommuniceerd dat wij door moesten naar een ander eiland dus moesten ze nog een keer terug. Ze doen hier ook maar wat. Een strakke organisatie is eerder een uitzondering. 

We sprongen de boot uit maar waren nog steeds aan de verkeerde kant. ‘You can walk yes’ werd er gezegd en met een kaart met uitgetekende route gingen we op pad met al onze zooi. 2 kilometer was het lopen, dat komt wel goed dachten we. Dat ‘komt wel goed’ moet ik voortaan maar nooit meer denken want toen we eenmaal een eindje waren op de ‘nature trail’ route begon het sterk te lijken op de eerder afgelegde jungle tour. Het pad veranderde al snel in een boomstammen klim met touwen, gammele geïmproviseerde trappetjes, en stenen, het was bloed heet en we hadden geen water meer en van de bordjes met het aantal meters er op werd je ook niet blij. 

Als we nou toch iets braken dan konden we het wel vergeten. Ik had geen bereik dus kon niemand bellen, ik zag het al helemaal voor me dat we op het nieuws kwamen. ‘2 vermiste Nederlandse toeristen in Thailand’. Wat een ellende zeg. Het was trouwens ook de ‘Tsunami vlucht route’ kwam ik later achter. Nou als je daar op moet vluchten breek je al je botten in je lijf. Maar dat terzijde..

Na 2 kilometer klimmen en klauteren kwamen we aan bij een strandje, nog steeds niet het strand waar we heen moesten. Nog een pad door en dan was het eindelijk klaar. Dit keer een ‘normaler pad’ zonder klimmen. We kwamen eindelijk aan bij het tentenkamp, we kregen een tent toegewezen, 2 matjes waar we dus op moesten slapen en 2 bakstenen (ja het moesten kussens voorstelen) met een hoesje er rond. Fijn, waar zijn we aan begonnen? Gelukkig was het weer mijn idee dus dat heb ik ook geweten natuurlijk want Yannick was ondertussen behoorlijk knorrig. ‘Ja joh goed idee Aman, echt leuk dit. Wat een k*t gedoe, als je nog is wat weet!’ 

Na de tent ingericht te hebben gingen we het eiland verkennen. Wat een prachtige natuur! Dat maakte alles al snel goed. We hadden een tent aan zee met een super uitzicht! We besloten wat te lopen over het eiland. Toen we liepen hoorde we ineens heel veel geritsel, een grote aap rende door de boom en sprong zo de receptie in waar hij opzoek ging naar spullen die hij kon jatten. Hij had iets te pakken en rende gelijk terug. Toen we goed rond keken zagen we super veel apen lopen! Op de foto zetten is nogal een ding, want ze zijn super snel! Leuke foto’s staan helaas op de camera. Die komen later 🙂 Hier onder even het uitzicht van de tent.

Toen we verder liepen hoorde we weer een hard geren, weer een aap, dachten we. Tot er ineens een grote komodovaraan uit de bossen kwam rennen. Ik schrok me rot! Gevolgd door nog meer varanen die over het voetpad rende. Wat een grote beesten! Ik moest dus een beetje op m’n hoede zijn want als ik die alleen tegenkom schijt ik 7 kleuren. 
Na dit alles gingen we lekker eten in het ‘restaurant’. Het was net schoolkamp, met z’n allen in een soort kantine met picknik tafels en je kon je bestelling doen bij een vrouwtje achter een kraampje met snoep en chips. Heel apart. Naast het restaurant was er ook een receptie en een souvenir shop en een toiletgebouw. Dat was alles, hotels hebben ze hier niet. 

Na het eten begon de grootste uitdaging; slapen op een yoga mat met een stenen kussen.. man man man, wat een toestand! Ik heb me in allerlei bochten gewrongen maar wat een pijn deed het. Midden in de nacht maakte Yannick me wakker met de informatie dat er een beest in de tent zat. We hebben de hele tent onderzocht en kwamen tot de conclusie dat het beest misschien onder de tent zat. 

Nu ben ik wakker het is 6:00 en de zon komt langzaam op. Ik ritste m’n tent open en hoorde al wat geritsel maar dacht dat het misschien de tent naast ons was. Ik stak m’n hoofd naar buiten en zag een aapje snel wegrennen, m’n omslagdoek hing op half 7 aan de tent. Hij had het duidelijk gemunt op de doek. Hij zat toe te kijken vanuit de boom boven mij en wachtte tot ik weg ging maar toen hij doorhad dat ik dat niet deed rende die weg. 

Nu zit ik dus zo stijf als een hark na deze nacht mijn blog te typen, met een prachtig uitzicht en krabbetjes die uit de schelpjes komen en hun weg maken naar de zee. Honderden zijn het er, met z’n alle lopen ze de zee tegemoet. Het is heerlijk stil en Yannick slaapt nog, echt ik snap niet hoe hij het doet op die matjes. Ondertussen heb ik trouwens een tarantula (grote spin) hol gespot voor onze tent, schuin onder ons tentje gegraven en ik heb dus een klein vermoeden wat er onder de tent zat.. 

  • reply paPaul ,

    Lekker avontuurlijk allemaal! Yannick had liever op een luxejacht gezeten zeker? Hahahaa

    • reply admin ,

      Ja! Die is meer van het luxe vervoer haha, maar zo beleef je nog is wat

    • reply Els ,

      😂😂😂Hilarisch die belevenissen van jullie! Het uitzicht vanuit het tentje maakt wel veel goed.

      Leave a comment